Posted on Leave a comment

Rembrandtmarket great success

Looking out on the Van Harenskerk last saturday I had a booth on the Rembrandtmarket in St. Annaparochie. What a great market it was! I will definitely join in next year. There even was a visitor who enjoyed herself so much watching my art and me making art that she stayed for over an hour. How cool is that?

Inbetween I’ve been doodeling a bit, although there was not much time to draw. For those who saw me draw, this is the end result! Small but nice.

20160806 Doodle during Rembrandtmarkt by Janet Plantinga

Posted on Leave a comment

Painting moved to Belgium

After Australia, one of my paintings moved to… Belgium! Mrs and mr De Kunst bought the painting when I stayed in The Blokhuispoort for two weeks. Mrs De Kunst liked the painting for her study on a blue wall.

This is one of my favorite paintings. It’s always a bit sad to say goodbye to a painting you worked on for several hours. But hey, that’s part of the deal being an artist, isn’t it? 😉

Mevrouw en meneer De Kunst nemen het schilderij 'Zon en bloemen' mee

Mrs and mr De Kunst with the painting ‘Sun and flowers’[/caption]

A couple of days ago I received an e-mail with a picture of the painting on the wall in her study. Mrs De Kunst wrote: “Your art piece in the middle of my idols for life”. How beautiful and an honor is that?

Het schilderij hangt tussen idolen voor het leven The painting, hanging in the middle of idols for life

Posted on Leave a comment

Artists in a jail cell

Well! My cell in the Blokhuispoort, the former jail in Leeuwarden has been decorated. For the next two weeks you can find me there, at least from wednesday until saturday. Saturday the 23rd of july will be my last day.

Not only you can buy some paintings and art cards from me, but I also offer a mini workshop Zentangle. In about 15 minutes I teach you the basic principles of zentangling. Some call it the next coloring for grown ups.

I’m in the cell because of a special project ‘Artists in a jail cell’, a project of ‘Leeuwarden 2018’. Leeuwarden is the cultural capital of Europe in 2018. For me a good opportunity to find out if I like working in a studio instead of at home. Are you stopping by to say hello?

Posted on Leave a comment

Very cold during Lammetsymet

Today I had a booth on Lammetsymet in Sint Annaparochie, where I was born. I brought my paintings, drawings and painted objects. The day started early, because we had to be there at 7.30 to decorate our booth. Unfortunately it was só cold that I wore two jackets and a scarf the entire day. If I’d brought gloves, I’d have worn them too! That’s how chilly it was.

But that didn’t spoil the fun! I saw lots of familiar faces and sold quite a bit. Even one of my favoritie original drawings of a moth. I’m sure the moth gets a great new home. It’s so nice when people are really enthusiastic about something you created. 20131116 Zentangle challenge 144 by Janet Plantinga 96dpi

In august I will be in Sint Annaparochie again, on the Rembrandtmarket. The anual art market around the Van Harenskerk. The church Rembrandt and his Saskia married in.

Samen met mijn moeder achter de kraam
Source: facebook.com/lammetsymet
Posted on Leave a comment

Because people ask about it…

For a while now I’ve been considering making a living as a visual artist. The past year was a difficult one for me as I lost my father to cancer and some other personal stuff. So I started thinking about what makes me happy and what I really want to do with my life. It was a tough decision, but now that I made it, it feels good!

The first of january will be the official start date. I’m so exited! I have lots of energy. Wish me luck!

Posted on Leave a comment

Het oorlogsverhaal van mijn oma en opa

Today, a story in Dutch …

Op deze bevrijdingsdag een persoonlijk verhaal over de oorlog van de ouders van mijn moeder. Mijn oma, Fetje Tjepkema-Dijkstra, schreef dit in de jaren zeventig voor mij op. Samen met haar man, mijn opa, Sijds Tjepkema, had zij in de Kleine Kerkstraat te Leeuwarden een meubelfabriek.

Duitse inval
Zaterdag ‘s morgens, 10 mei 1940, ± half zes hoorden we via de Belgische zender van de inval van de Duitse troepen in België en Nederland. Onze eigen zender zweeg er nog over en liet ons rustig slapen. We schrokken en stonden er raar van te kijken en wisten niet wat we doen moesten en wachtten af tot onze eigen radio iets zou zeggen. We hadden er helemaal geen voorstelling van wat oorlog was. Wel moesten we een emmer water en een zakje zand op zolder hebben staan, voor eventuele brandbommen (wat een lachertje). ‘s Morgens ben ik gewoon met Greta (4 jaar) naar het schooltje van Juf Van Es gegaan. We spraken daar met de andere moeders af de kinderen weer mee naar huis te nemen, omdat de verantwoording voor Juf Van Es wel wat groot was en er toen al Duitse vliegtuigen in de lucht waren, die het vliegveld konden aanvallen. Het kwam niet in één van ons op, dat de stad gebombardeerd kon worden. Wel haalde ik veel kruidenierswaren in huis. Bij ons in de zaak was het druk, mensen kwamen vragen of ze wel de gekochte meubels kregen en anders bestelden ze af. Zondag ‘s morgens werden we wakker van paardengetrappel. Het bleek een grote colonne paarden te zijn, die gingen langs de Spanjaardslaan, naar de Afsluitdijk.

Fetje en Sijds Tjepkema met hun drie dochters en twee werknemers op het platdak boven de winkel.
Fetje en Sijds Tjepkema met hun drie dochters en twee werknemers op het platdak boven de winkel.

Het dagelijkse leven
Zo ging het leven de eerste tijd ondanks verboden en het schaarser worden van allerlei artikelen wel gewoon door. Wat langer de oorlog duurde, wat erger het werd. Mannen en jongens werden opgepakt en weggevoerd en heb ik veel in angst gezeten. Wij hoorden soms het gekerm van mensen die opgepakt waren en werden gemarteld in het Burmaniahuis. Wij hadden een jood (Philippus Feitsma) op de werkplaats en nog een jongeman uit Franeker in huis en droomde ik soms dat ze mijn man bij een razzia vonden en meenamen naar het Burmaniahuis. Bij de razzia’s hadden we meer last van onze nsb’ers en de Belgen, dan van de Duitsers.

Geboortes
Op 30 augustus 1940, ‘s nachts om twee uur kondigde een baby zich aan, we konden geen taxi krijgen, autorijden was verboden. De politie kon geen toestemming aan de Drietax geven en zo ben ik bij papa (red.: haar man Sijds) achterop de fiets in donker en druilerige regen naar het Bonifatius Hospitaal gegaan. Met de geboorte van Hanny op 23 maart 1944 was het nog erger. Ik lag in de verloskamer van het Bonifatius Hospitaal en ineens was er luchtalarm en gooiden de Engelsen niet goed. De bommen vielen in het Jodenland en in de W. de Geeststraat. De ramen waar de Duitsers lagen, waren allemaal stuk. De ramen van de verloskamer tussen de Duitse kamers in waren alleen heel gebleven. Een groot wonder hè?

Vindingrijkheid
Gebrek aan eten hebben we hier in Friesland niet gehad. We moesten wel vindingrijk zijn. We naaiden overal kinderkleren uit. Uit beddezakken maakten we jurkjes en uit oude herenbroeken rokjes. Bij de boer haalden we melk en karnden er boter van. Omdat de kabel van het licht van het Burmaniahuis en het politiebureau door de Kleine Kerkstraat gaat, hebben we altijd (klandestien) stroom gehad en bakte ik elke dag twee lekkere broden. Omdat wij geen kinderen hadden in de leeftijd van 16 jaar en ouder, hadden we geen spanningen op dat gebied. Wel zagen we en hoorden we de ellende van vooral mensen die in het verzet zaten en die verraden werden door N.S.B.-ers en ook door mensen die je er niet voor aanzag.

Vertrouwen
Je kon niemand vertrouwen, ook je buren niet. Er was nooit verbondenheid, veel jaloezie en afgunst. De één kon altijd met hetzelfde geld en goed, meer dan de ander. Wij hebben veel hongerige mensen uit het westen in huis gehad te eten en drinken, die dan weer door gingen Friesland in. Een man uit Haarlem ging weer weg en gapte ook nog gauw een verboden boek mee, we konden het ook niet aangeven, dat was veel te riskant.

Bevrijding
Toen eindelijk de bevrijding kwam, was het angstig. De Duitsers staken het Weeshuis aan het Zaailand in brand. De brandweer mocht het niet blussen en de bruggen waren opgehaald. Wij zaten opgesloten en waren bang dat ze het politiebureau en het Burmaniahuis ook in brand zouden steken. We mochten niet naar buiten en het brandende papier kwam bij ons op het platdak terecht. Gelukkig mocht na verloop van tijd de brandweer uitrukken. Vrijdags de hele dag kwamen er veel mensen op de vlucht uit Holland allemaal nsb’ers, die probeerden met de Duitsers Duitsland te bereiken. Ze probeerden ook nog bij ons in huis te komen. Zaterdag ‘s morgens was het Duitse leger wel voorgoed op de vlucht. Sommigen waren op klompen en met een oude pet op. Er waren die hun uniform verkocht hadden. Ze vorderden alles wat rijden wou, karren en fietsen. Het mooist vond ik nog, in de Kleine Kerkstraat daar vorderden ze de ‘Tonnenwagen’ met paard. Bij Keizer werden de volle tonnen op de stoep gezet en de wagen volgeladen met Duitsers de Grote Kerkstraat in, op naar de Heimat. Wat hebben we gelachen.

Te voet gevlucht
Ik moet nog wel vertellen, mijn man moest naar Drenthe voor Arbeitsinzet. Het verstandigste leek om te gaan, omdat er gedreigd werd, als een middenstander niet gaat, wordt zijn zaak afgebrand en zou ik met vier kinderen geen onderdak hebben. Mijn man zou proberen uit Drenthe weg te vluchten. Dat is ook gelukt, hij is lopend uit Tenaarlo teruggekomen. Heeft medewerking gehad van mensen onderweg, bij een boer een nacht geslapen en is ‘s morgens vroeg met een bus werkvolk voor het vliegveld, onder leiding van een Duitse soldaat door de muur gereden op de Groninger Straatweg en bij de Noorderbrug afgezet. Niet alle Duitsers waren slecht.

Toen was mijn man thuis en begon de angst en ellende van het onderduiken, oppassen voor buren en iedereen dat hij niet gezien werd. Hij heeft het zes weken volgehouden. Toen waren we allebei wel zo nerveus, dat voor mij mochten ze ons samen wel oppakken. We hebben toen tegen de buren en bekenden gezegd, dat mijn man een vrijstelling had, omdat hij blokhoofd was. Als ik zo zit te schrijven, schiet me nog veel te binnen en snap ik nu niet dat ik nooit bang was voor bombardementen. Met luchtalarm zat ik met de kinderen achter een op zijn kant gezette tafel, wat voor te lezen en daardoor waren de kinderen ook niet bang.

Opgeschreven in de jaren zeventig door Fetje Tjepkema-Dijkstra

Meer over mijn grootouders en andere inwoners van De Kleine Kerkstraat in Leeuwarden vind je in het boek ‘Kleine Kerkstraat Leeuwarden, 150 jaar handel en wandel in de leukste winkelstraat‘, geschreven door Niek Donker.

Posted on Leave a comment

Designcursus University of Pennsylvania

After finishing the MOOC ‘Introduction to Communication Science‘ at the University of Amsterdam, I was inspired to find out what other MOOC’s there were. Coursera, one of the largest providers of MOOC’s offered the course ‘Design, creation of artifacts for society‘, hosted by the University of Pennsylvania. And because design is one of my personal interests, I signed up.

The course aimes at making us a better designer. The course marries theory and practice, as both are valuable in improving design perfromance. The course was deliberately broad – spanning all domains of design, including architecture, graphics, services, apparel, engineered goods and products. The emphasis of the course is the basis design process: define, explore, select and refine.

I’m in the fifth week of this eight week course and I must say: every week is a party. The creative design proces is very satisfying. A couple of the assignments:

Posted on Leave a comment

Five lessons in Facebook marketing

Yesterday was the seventh edition of the Social Media Club Leeuwarden (SMC058) in Post Plaza in Leeuwarden. During this one-year jubilee edition, Leeuwarden’s mayor Ferd Crone handed out the prize for ‘Most social brand of Friesland’ to Buiten de Lijntjes. For me, however, the presentation of Peter Minkjan, Facebook specialist, was interesting. The five most important lessons that I took from it:

  • Focus on the right group
    Facebook is a very important channel: one in five visited social media pages is from Facebook (January 2012, US Market), the mobile use of Facebook is rising fast. About 80% of the fans of your organization on Facebook are or have been customers, about 20% are active customers. Set 80% of your time on this active 20%.
  • Leave your Facebook address everywhere
    Think of: magazines, advertisements, e-mail, mailings, posters, possibly with a QR code.
  • Make sure you end up on the front pageiew
    Everything you do on Facebook starts with the company page, but beware: only 1% of fans visit the page once after becoming a fan. A fan spends most of the time on the front page.
  • Get as many fans as possible
    Put a Like box on the homepage of your company website and put a Like button in your e-mail signature.
  • Focus on the fan
    Give fans exclusive content, make sure they have influence (match, choose the logo or design, etc.) and make sure you interact with your fans. This way you will also find the news overview of the friends of your fans.